
In 2022 hebben we een aantal hoge bomen uit onze tuin moeten verwijderen. Dat was nodig om het bos licht te houden, maar ook omdat enkele bomen ziek waren. Zieke bomen kunnen een besmettingsbron vormen voor hun omgeving. Bovendien kunnen verzwakte bomen takken verliezen of zelfs helemaal omvallen.
Alle iepen zijn destijds verwijderd vanwege iepziekte, die wordt veroorzaakt door een schimmel. Ook de essen met ernstige bacteriekanker moesten verdwijnen. Wie goed oplet, ziet op veel plekken essen met een lichte aantasting. Dat hoeft niet direct reden tot zorg te zijn.
Het woord kanker roept nare associaties op. Bij mensen en dieren gaat het om een ziekte waarbij cellen door genetische veranderingen ongecontroleerd gaan groeien. Bij planten kunnen vergelijkbare gezwellen ontstaan als gevolg van een besmetting met ziekteverwekkers. Theophrastus beschreef zo’n aantasting al 2300 jaar geleden bij olijfbomen. Die beschrijving wordt gezien als een vroeg begin van de plantenziektenkunde. Het zou nog ongeveer 2200 jaar duren voordat een bacterie als oorzaak werd aangewezen.
Snoeien bij droog weer
Bacteriekanker komt vaak voor in boomgaarden. Je kunt de kans op besmetting verkleinen door alleen bij droog weer te snoeien. De bacterie leeft niet alleen in de stam, maar ook op het blad, meestal zonder zichtbare symptomen te veroorzaken. Bij nat weer kunnen de aantallen bacteriën toenemen en kunnen snoeischaren besmet raken.
Snoeischaren ontsmetten met alcohol is mogelijk, maar het is een stuk praktischer om het juiste moment te kiezen. Bovendien is snoeien bij droog weer een stuk prettiger dan werken in de regen.
Sommige oude boomstronken van de verwijderde essen beginnen inmiddels weer uit te lopen. De jonge scheuten krijgen geen gezwellen, maar vertonen wel vergroeide bladeren met typische gekartelde randjes. Deze symptomen kunnen worden veroorzaakt door dezelfde bacterie of door een verwante soort.
Hetzelfde lichte verschijnsel zien we bij wilde liguster, een paar meter verderop in het bos. Zowel de es als de liguster behoort tot de olijffamilie. Besmetting tussen beide soorten is daarom niet uit te sluiten. Daarvoor zijn geen mensen nodig: ook opspattende regendruppels kunnen bacteriën verspreiden, vooral bij harde wind.
Bacteriën als ijskernen
Hoog in de lucht en zelfs op besneeuwde bergtoppen worden bacteriën gevonden die sterk verwant zijn aan, of zelfs identiek zijn aan, bacteriën die plantenziekten veroorzaken bij onder meer olijf, es, liguster en oleander. Sommige van deze bacteriën kunnen ijskernvorming bevorderen in water dat kouder is dan het normale vriespunt. Dat is een bijzondere eigenschap.
Maar waarom zouden bacteriën zoiets doen? Een interessante vraag!
IJskernvorming kan planten tijdens nachtvorst beschadigen. Daardoor kunnen voedingsstoffen vrijkomen en kan de kans op infecties toenemen. Daarnaast bestaat de mogelijkheid dat deze bacteriën in hoge luchtlagen terechtkomen en daar bijdragen aan de vorming van sneeuw. Via sneeuw zouden ze vervolgens planten kunnen besmetten.
Hoe dit proces precies van invloed is op het weer, is moeilijk te zeggen. Wel worden er al sneeuwkanonnen gebruikt die bacteriële ijskernen inzetten om de vorming van sneeuw te bevorderen.
Misschien verklaart dat waarom ik deze zomer een es met lichte aantasting ontdekte in een skigebied in Zuid-Tirol, tussen de bijna weggesmolten gletsjers.

